Blogs

Samen in het ziekenhuis

De volgende ochtend, 11 oktober 2019, werd ik in een rolstoel naar de couveuse afdeling gebracht door een van de verpleegkundigen. Daar mocht ik dan eindelijk ons zoontje vast gaan houden. Lars en ik hadden afgesproken elkaar daar te ontmoeten.

Ter verduidelijking, in het ziekenhuis te Emmen is nog niet een moeder kind afdeling, dus ik sliep op de kraamafdeling en Jonathan lag op de afdeling Neonatologie op de kinder- en jeugdafdeling. Het voordeel is wel dat beide op de 4e verdieping zitten. Je hebt hier een ronde vide met trappengang die uitkomt in het restaurant en je hoeft dus alleen maar rond de vide te lopen/gebracht te worden om van de kraamafdeling naar de neonatologie te komen.

Op de afdeling neonatologie is het zo dat je per dagdeel een vaste verpleegkundige hebt en zij kwam zich ‘s ochtends meteen aan me voorstellen. Ze hielp me in de relaxstoel en legde hem op mijn borst. Wat een overweldigend gevoel!

 

Tijdens de zwangerschap had ik gelezen dat voor vrouwen met autisme dat moment best lastig kon zijn, dat je nog wat langer moest wennen aan het idee dat je daar opeens ligt met een kindje. Ik was hier dus vanuit gegaan om mezelf maar alvast er op voor te bereiden dat het niet per se zo zou gaan zoals je in films of op filmpjes op YouTube ziet. Maar al mijn verwachtingen werden opzij geschoven, want direct voelde ik al die onvoorwaardelijke liefde voor hem, direct voelde ik al dat dit is hoe het hoort te zijn. Mijn zoontje, ons zoontje, wat een geschenk!

 

Het eerste wat ons opviel is dat Jonathan meteen aan wilde happen terwijl hij een neusmaagsonde had. De verpleegkundige vroeg aan mij of ik zeker was over de termijn waarop ik bevallen was, want dit hoorden baby’s pas te doen na week 35 zei ze! Dat was het moment dat al duidelijk voor mij was dat hij een enorm sterk mannetje was.

Jonathan had geen ademhalingshulp nodig, het enige wat hij had was een maagneussonde omdat het zelf drinken nog op gang moest komen en plakkertjes om zijn ademhaling en hartslag in de gaten te houden. Dat lijkt allemaal heel eng, maar het geeft een heel veilig gevoel dat als er wel iets aan de hand is, dat ze er dan dus ook direct bij zijn.

Na ongeveer een half uurtje alleen met Jonathan te zijn geweest, kwam Lars bij ons. Samen genoten we van ons moment als gezinnetje. Enige tijd later staat Lars op en begint alles van de afdeling te bekijken en in zich op te nemen. Het eerste wat hij zegt is: hee, Jonathan heeft eerst een buurmeisje en daarna een buurjongetje. Het eerste wat ik bedenk is: wacht, zouden dat Lilly en Logan zijn? Lars bevestigd dit en even later komt hun moeder, Annelien, al binnen lopen.

 

Annelien, en ik zaten samen in een Centering Pregnancy groep. Dit was aan het begin 1 keer per 4 weken en later 1 keer per 2 weken. Je hebt je controles dan en hebt het dan over verschillende onderwerpen omtrent de zwangerschap, bevalling en het leven van je kindje tijdens die bijeenkomsten.
Annelien was precies 1 week voor mij bevallen van haar tweeling d.m.v. een keizersnede, net als ik, en had dus al een week lang de onzekerheid van de afdeling meegemaakt.

Zij wist dus precies wat ik doormaakte, als moeder maar ook als persoon met autisme. Om mezelf dus een soort van leidraad te geven aan de onzekere periode ging ik kijken naar haar tweeling. Ik keek niet om te zien van: wanneer gaan zij uit de couveuse? Zodat ik wist wanneer Jonathan dan uit de couveuse mocht. Ik keek zodat ik voor mezelf wist dat ik het niet voor die periode hoefde te gaan verwachten. Dit gaf me rust in een periode waarbij je bijna  geen rust krijgt. Daarnaast was het ook fijn dat je niet alleen was, dat er nog iemand was die je al kent en ook nog eens hetzelfde meemaakt. Dus, Annelien, bij deze nogmaals heel erg bedankt dat je er zo voor mij was!

Elke dag mochten we zo lang we wilden bij Jonathan zitten, maar er werd ons wel aangeraden om ook te zorgen dat ik mijn rust kon pakken. Dus echt niet 24/7 bij hem te gaan zitten, hoe graag we dit ook wilden.

De eerste week voor mij was zwaar, maar ging enorm goed. Ik had de eerste ochtend al mezelf kunnen douchen en langzaamaan kwam ik ook zelfstandig het bed uit. Mijn medicijnen gingen niet zo goed. Aangezien ik niet altijd op mijn kamer zat, maar bij Jonathan, kreeg ik dus niet altijd de pijnstillers die nodig waren. Echter, ik mistte ze niet en dus besloten we gezamenlijk dat we de Diclofenac dan maar achterwege gingen laten en ik dan waar nodig om paracetamol zou vragen. We kregen regelmatig visite op mijn kamer en de naaste familie namen we ook mee naar Jonathan toe.

Ook moest ik deze week heel veel kolven, elke 3 uur en het maakte dan niet uit of ik dat in mijn kamer deed of naast de couveuse. Zolang het maar gebeurde om Jonathan te geven wat hij nodig had. Het mooie was dat een aantal van de verpleegkundigen op de kraamafdeling het zelfs direct voor me naar de afdeling van Jonathan brachten zodat het daar al klaar stond. De eerste dagen gingen lastig, maar op een bepaald moment kon ik bijna 3 voedingen afleveren per kolfmoment!

De eerste week bleef Jonathan het onwijs goed doen! Toen hij nog maar 5 daagjes oud was, kreeg hij zelfs zijn eerste flesje en wat overbleef zou dan via de maagneussonde gaan. Maar dit flesje ging al zo goed als leeg!

Toen hij 1 week oud was, mochten we hem voor het eerst in bad doen, wat vond ik dat eng, daarom liet ik Lars dit moment hebben. Zodat ik zelf eerst gewoon mee mocht gaan kijken. Wat een heerlijk moment, voor ons maar ook voor Jonathan aan zijn gezichtje kon je gewoon zien hoe erg hij aan het genieten was.

De temperatuur van de couveuse ging ook langzaamaan naar beneden, waaraan duidelijk was dat hij steeds meer zelf zijn eigen temperatuur kon regelen, en ook had hij nog steeds geen incident gehad dus hij was enorm stabiel.

 

Wat me tijdens deze week vooral opviel is de informatie die je krijgt. Op de afdeling waar ik zelf lag, kreeg ik bijna geen informatie over bijvoorbeeld hoe lang ik in het ziekenhuis mocht blijven. Deze informatie heb ik gekregen van de verpleegkundigen van Jonathan. Zij dachten zo goed met ons mee. Ze hadden wel een kamertje waar ik eventueel op kon samen met Jonathan in de couveuse. Echter, deze kamer was bezet en elk andere moeder had daar natuurlijk net zo veel recht op als ik.

 

Het blijkt dus dat je na een keizersnede waarbij je kind op de afdeling neonatologie moet verblijven maximaal 10 dagen opgenomen mag blijven als moeder en dit is inclusief de geboortedag. Vervolgens heb je dan nog recht op 28 dagen in room (=samen in 1 kamer) alleen was dit in mijn geval op dat moment dus nog niet mogelijk.

In mijn geval zou dit betekenen dat ik maximaal 20 oktober 2019 naar huis zou moeten. Echter was dit een zondag. Lars gaf aan mij aan dat beter zou zijn om de zaterdag naar huis te gaan. De eerste dag dat we dan een nieuw schema moesten vinden met het van huis naar Jonathan toe gaan, was dan dus die zondag en dat konden we samen doen. Was ik de zondag naar huis gegaan, dan was die eerste dag een maandag geweest en had ik dat alleen moeten doen aangezien Lars gewoon weer aan het werk was.

 

We besloten dus dat ik op zaterdag 19 oktober 2019 weer naar huis zou gaan. Precies 1 maand nadat ik voor het eerst opgenomen werd. 9 dagen nadat hij geboren was, maar wat was dat moeilijk! We zouden uiteraard eerst nog bij Jonathan langs gaan die ochtend om te buidelen en vervolgens mijn spullen bij elkaar pakken en wachten op mijn ontslagbrief.

Toen het moment eenmaal daar was om echt te gaan vertrekken, brak ik. Moest ik nu echt hem hier achter laten? Maar ik wil bij hem blijven! Ik wil hem mee naar huis! Terwijl ik door Lars in de rolstoel vooruit geduwd werd, wist ik me weer te herpakken. Echter, toen we beneden kwamen zagen we een gezin die met hun kleintje naar huis mocht. Wat deed dit zeer zeg! Uiteraard gun je het deze vrouw, maar ik gunde het mezelf net zo goed! Eenmaal in de auto aangekomen, brak ik weer en heb alleen maar zitten huilen totdat we thuis waren.

 

Stay tuned!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *